Inleiding door Harry Kunneman

Vandaag zijn we hier bij elkaar omdat wij ieder op onze eigen manier een passie hebben voor goede zorg. Het is hartverwarmend om te zien hoeveel mensen hier bij elkaar zijn om hun passie voor zorg te delen.
Deze passie is ook verbonden met zorgen over de huidige situatie en de toekomst van de ouderenzorg. De ouderenzorg staat in veel opzichten onder druk; financieel, organisatorisch, personeel  de ouderenzorg vormt een perfect voorbeeld van een taai vraagstuk. Het lukt ons niet goed om van bovenaf daar veranderingen in te brengen.
Precies daarom moet er ruimte en kansen komen van onderop en van binnenuit. Ruimte voor echte vernieuwing, voor een transitie naar andere menswaardige en duurzame vormen van organiseren en werken in de ouderenzorg.
Als achtergrond voor onze gemeenschappelijke zoektocht vandaag wil ik kort vier wegwijzers schetsen die daarbij voor mij richtinggevend zijn en die hopelijk ook voor u belangrijk zijn:


1. Bij de eerste wegwijzer duid ik aan als de twee w’s, namelijk waardegedreven werkzaamheid. Het gaat daarbij om de werkzaamheid niet te reduceren tot efficiency en in termen van kosten en opbrengsten. Waardegedreven werkzaamheid als richtingwijzer dat de werkzaamheid steeds is ingebed in en gefocust is op richtinggevende democratische en humane waarden. (aansluiting bij taal (Ricoeur)).


2. De tweede richtingwijzer duid ik aan als de drie v’s: verbreden, verbinden en vernieuwen. De kern is hier om consequent te streven naar het verbreden van het beperkende kader van het eigen beroep en de eigen organisatie en verbindingen op te zoeken met mogelijke samenwerkingspartners om via die verbindingen te vernieuwen en te verbeteren. Vernieuwingen zijn een belangrijk thema voor onze gesprekken vandaag: de meeste van ons zij er van overtuigd dat de toekomst van de ouderzorg gezocht moet worden in een vergaande verbreding van de verantwoordelijkheid voor goede zorg en in nieuwe vormen van samenwerking  zorg niet meer uitbesteden aan gespecialiseerde instituten en beroepen, maar voorbij de afsluiting en de verkokering naar een breder draagvlak en een veel bredere kennisbasis en naar nieuwe institutionele en organisatorische beddingen.
Daarom zij wij ook blij dat er vandaag zoveel verschillende partijen en betrokkenen bij elkaar zijn, variërend van zorginstellingen en zorgprofessionals tot verzekeraars, onderwijsinstellingen, gemeenten en andere organisatie humanitas en cliëntvertegenwoordigers. Daarbij opgemerkt dan kinderen van bewoners in verzorgings- en verpleeghuizen aangesproken dienen te worden als professionals met betrekking tot de zorg rond hun ouders.
Verbredend verbinden is naar mijn vaste overtuiging de belangrijkste sleutel tot duurzame vernieuwingen in de ouderenzorg. Dat komt vooral doordat verbredend verbinden, zowel binnen je eigen organisatie als daarbuiten, je eigen werk spannender en uitdagender maakt.
In de leerzame wrijving kunnen andere perspectieven aan het licht komen, waardoor creativiteit en nieuwe taal ontstaan, waardoor nieuwe mogelijkheden zich aandienen die voorbij gaan aan afsluiting en verkokering.


3. De derde wegwijzer: Z & NP: Zelfreflectieve en normatieve professionaliteit: het gaat om verantwoording nemen voor de normativiteit die met het werk verbonden is. Op de waarden en normen die met het werk in de zorg verbonden dient gereflecteerd te worden in dialoog met direct en indirect betrokken partijen. Het gaat hierbij om de kwaliteit van relaties.


4. De vierde wegwijzer is zorg op te vatten als bron van een zinvol leven.
Zorg wordt vaak ervaren als een plicht als een probleem. Zorg als bron van zinvol leven.
Veel mensen werken in ouderenzorg onder vaak moeizame omstandigheden maar vanuit een diepe motivatie, namelijk het betekenisvol willen zijn voor anderen; zin van het eigen leven ervaren door iets te doen voor anderen. Deze vorm van betrokkehheid is in onze samenleving van heel groot belang en een belangrijke tegenkracht tegen maatschappelijke verharding en verplatting omdat juist in de zorg contact gemaakt wordt met een diepere dimensie van het leven. Ik denk daarbij aan de confrontatie met eindigheid, omgaan met ernstige beperkingen, ziekte en kwetsbaarheid waardoor vrijheid en autonomie onder druk komen te staan en er grote aanspraak gedaan wordt op solidariteit, zorg en aandacht van de mens. Het gaat om oog voor elkaar hebben, wat gezien kan worden als duurzame bron van rijkdom.
Comments